Friday, October 31, 2014

Around the world in twice eighty days

As friends, family and followers know I travel a bit more than the average person and today I noticed the 561,370 km registered on TripIt. I am using TripIt since around August 2009, so that is 6 years and 2 months. Over this period I have thus traveled 91,033 km/year is 7586 km/month is 249 km/day. That is excluding my home-office commute.

Apparently I have been to 169 different locations or on average 27 different (new) locations every year. That is 2 per month. What the pic on the left does not show, but what I dug out of my 'past trips' list on TripIt is that it was a 140 trips in these past 6+ years. That is two trips per month which, on average, are both new places. That is pretty cool.

Also interesting to see is that, 561,370 km for 140 / 169 locations means that on average I travel 4010 km per trip and 3322 km to each (new) location. And last but not least, the circumference of the Earth is 40,000 km. I have thus traveled 14 times around the world over the past six years and do it on average a bit more than two times per year.

The funny thing is that Phileas Fogg rounded the globe in 80 days in 1873 whereas it takes me a 160 days on average.

Heldinnen / Heroines (2)


Dicte Svendsen (Iben Hjejle) - Dicte


Katrine Ries Jensen (Laura Bach) - Those who Kill (Den som Dræber)

Tuesday, October 28, 2014

Some Kind of Monster

Een witte polystyrenen doos wordt de ruimte binnen geschoven. Het deksel wordt eraf gehaald en er ontsnapt een wolk koude witte damp. Men houdt zijn adem in…Beschermende handschoenen worden aangetrokken en een nog ongeïdentificeerd berijpt monster wordt tussen de rokende witte korrels vandaan gehaald en op de labtafel geplaatst. Een ordner komt op tafel en er wordt gezocht naar begeleidende documentatie. Niets te vinden. “Wat is dat? Waar komt het vandaan?” De naam van de koerier en het verzendnummer zal uitkomst moeten brengen. Maar eerst de vraag wat we met het onaangekondigde monster moeten aanvangen. Waar laten we het? Op tafel? In de -20? -70? Licht? Donker? Is het radioactief? Is het wel voor ons lab? Some Kind of Monster.

In mijn contacten met, over het algemeen bioanalytische, laboratoria in Europa en de VS wordt er onbedoeld wel eens een stukje Nederlandse tekst meegestuurd. Bijvoorbeeld een berichtje dat onderaan een string e-mails hangt. Nieuwsgierige en puzzelgrage buitenlandse ontvangers proberen vaak de Nederlandse tekst te lezen, al dan niet met behulp van een woordenboek of vertaalprogramma. Niet bijzonder dat er in laboratorium gerelateerde correspondentie over monsters wordt gesproken. Toch? Dat is te zeggen, voor Nederlanders ten minste. Waarschijnlijk omdat het engelse woord “monster” zo internationaal bekend is valt het ze op en struikelen ze altijd weer over dit woord. “Was ist dieses über Ungeheuer?” Een grappig misverstand, verder geen consequenties en je herinnert weer de eerste keer dat je met Vlamingen over dit soort zaken sprak. “Staal? Staal? We hebben het over biologische monsters hoor!” 

Ik moest het even opzoeken, maar de twee betekenissen van het homonieme monster komen uit het Latijn: het ene is afkomstig van monstrum = gedrocht, en het andere van het Latijnse werkwoord monstrare = aantonen. Zo dat is dan ook weer verklaard.  


                                                                                             

Eerder gepubliceerd in Laboratorium Magazine Aug 2006

Wednesday, October 22, 2014

Derde bezoeker Amsterdam Dance Event overleden

Een 41-jarige vrouw uit Utrecht is zondagmorgen overleden na een bezoek aan het Amsterdam Dance Event (ADE). Het slachtoffer is overleden na drugsgebruik. Dat meldt de politie maandag.

De vrouw is de derde bezoeker die is overleden na drugsgebruik tijdens het Amsterdam Dance Event. Eerder stierven al een 21-jarige man uit Oude Wetering en een 33-jarige man uit Servië na het nemen van drugs tijdens het dance-evenement in de hoofdstad .Lees verder:

Tja......

In 1966 is de eerste dopingcontrole in de Tour de France een feit. In dat jaar worden vijf renners gesnapt. 1967 is een rampjaar. De Brit Tommy Simpson overlijdt op een snikhete dag aan een combinatie van alcohol, amfetaminen en uitdroging. Na zijn dood worden de dopingcontroles verscherpt.



Dance, drink & drug. Hoe stom kan je zijn.

Monday, October 20, 2014

Meten en (ge)weten

Vrijwel iedereen kent; “Meten is weten”, maar ik denk wel eens dat we zelden goed weten waarom we meten. Het is ben ik bang het sterkst aan de labtafel. Er is vraag van een opdrachtgever, een klant, en de analist in kwestie voert de relevante analyses naar beste kunnen uit. Waarom? Nu, er was een vraag!

Maar waarom de vraag er was en wat de klant met het gegeven gaat doen, daar staat men niet stil. En dat vind ik wel eens eng. Stel je bepaald dat in kipfiletje X een zekere hoeveelheid van een bepaalde salmonella stam voorkomt. Gewoon een analyseresultaat. Een week of wat later staat in de krant dat uit onderzoek blijkt dat het kippenvlees bij winkelketen A zwaar verontreinigd is met salmonella en dat dit vreselijk gevaarlijk is voor baby’s en bejaarden en ..... Milieu organisatie M was zich net aan het bezinnen op een nieuwe campagne en laat prompt alle groente, fruit en bloemen van A op residuen onderzoeken…. Enkele maanden later moet A wegens teruglopende verkopen de helft van haar filialen sluiten.

Hoe voel je je dan? Er zitten blijkbaar opeens enorme consequenties aan het simpele tellen van een paar bacteriën. Voel je je gebruikt? Ga je twijfelen aan het analyseresultaat? Nadenken over de opzet van het onderzoek? Hadden het niet meerdere filetjes van diverse filialen verzameld over een zeker tijdsinterval moeten zijn? Hoe zijn de stukjes vlees vervoerd: achter in een warme kofferbak of diepgevroren? De klant en krant hadden blijkbaar geen oog voor dergelijke nuances. En als het later toch fout blijkt te zijn, wie draait dan op voor de schade? Was er überhaupt wel een gezondheidsrisico?

Kortom moet je niet als analist je ervan vergewissen waarom er wat gemeten dient te worden? Ik vind van wel.

                                                                                                   

Eerder gepubliceerd in Laboratorium Magazine Jan 2006

Friday, October 17, 2014

Communicatie

Laboratoria hebben altijd te maken met klanten, opdrachtgevers of sponsors. De term varieert voor de diverse werkgebieden, maar het betreft vrijwel altijd die personen of organisaties die met vragen het lab benaderen. Die vraagstellers kunnen zowel intern van binnen het eigen bedrijf komen als van buiten. Om een goed antwoord te kunnen geven is het belangrijk de vraag goed te begrijpen en in het bijzonder de vraag achter de vraag: “Waarom wil deze persoon dat weten?”. Voor routinevragen speelt dat uiteraard niet elke dag. Maar het is wel ooit van belang geweest: de allereerste keer dat de vraag gesteld werd.

De redenen achter de vraag zijn immers bepalend voor de wijze waarop het antwoord verkregen moet worden. Dat kan zijn de methodiek: detectiegrenzen, nauwkeurigheid, precisie en selectiviteit. Maar ook zaken als doorlooptijd, kwaliteitsregiem, aansprakelijkheid, kosten en bemensing. En uiteindelijk is het ook van belang voor de wijze waarop het antwoord gecommuniceerd dient te worden: een telefoontje, e-mail, analysebon of een volledig rapport.

Om dit alles goed in te kunnen schatten is een goede communicatie tussen klant en uitvoerder van cruciaal belang. Naar mate laboratoria groter worden zie je echter vaak dat de technische kant van de vraag door de werkvloer, bijvoorbeeld een hoofdanalist, een onderzoeksleider, wordt afgehandeld en de conditionele kant door het management. Ook bij de klant vindt soms een dergelijke scheiding plaats. Dat dit een goede communicatie niet makkelijker maakt is evident. Een vereenvoudiging kan zijn het aantal ‘poppetjes’ te beperken, bijvoorbeeld door meer verantwoording en bevoegdheden neer te leggen op de werkvloer. En in mijn ervaring zijn het juist die laboratoria die dit goed geregeld hebben die het zakelijk goed doen. 



Eerder gepubliceerd in Laboratorium Magazine in 2005